Aftrek elders belast en verrekening inkomsten eigen woning

De Advocaat-generaal (A-G) bij de Hoge Raad heeft conclusie genomen in een zaak over de berekening van de aftrek ter voorkoming van dubbele belasting van een in België wonende ondernemer, die heeft gekozen voor behandeling als binnenlands belastingplichtige.
De zaak heeft betrekking op de vraag of de toepassing van de Nederlandse regels in dit geval leidden tot een verboden ongelijke behandeling en daarmee in strijd zou zijn met het Europese recht. Het heffingsrecht over de inkomsten uit onderneming was voor 90% toegerekend aan Nederland en voor 10% aan België. Het belastbare inkomen uit werk en woning van de partner werd volledig aan België toegerekend. Volgens het Nederlandse Uitvoeringsbesluit IB 2001 bedroeg de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting nihil. De vermindering wordt berekend door het in het buitenland belaste inkomen te delen door het totale belastbare inkomen. Deze breuk wordt vermenigvuldigd met de Nederlandse belasting over het totale belastbare inkomen. Het in België te belasten inkomen bestond uit de daar behaalde winst, verminderd met de negatieve inkomsten uit de in België gelegen woning van de partner.

De ondernemer meende dat hij verschillend werd behandeld ten opzichte van een inwoner van Nederland omdat Nederland de negatieve inkomsten uit de in België gelegen woning eerst in de belastinggrondslag opneemt, maar ze bij het vaststellen van de vermindering ter voorkoming van dubbele belasting in mindering brengt op de inkomsten uit België. Die toerekening van de negatieve inkomsten uit de woning aan België veroorzaakt het verschil in behandeling waar de ondernemer zich tegen verzette. De ondernemer meende dat hij op grond van jurisprudentie van het Hof van Justitie EU recht had op aftrek van het negatieve inkomen uit de eigen woning, omdat hij daar in België door zijn beperkte individuele inkomen niet aan toekwam. De A-G meent, in navolging van Hof Den Bosch, dat niet naar het persoonlijke inkomen van de ondernemer maar naar het gezamenlijke inkomen van de ondernemer en zijn partner moet worden gekeken. Dat volgt uit jurisprudentie van het Hof van Justitie EU. Daarin wordt geoordeeld dat de lasten, die samenhangen met de persoonlijke en gezinssituatie, gezamenlijk worden gedragen uit het totale gezinsinkomen. Niet van belang is of het woonland daadwerkelijk rekening houdt met de persoonlijke en gezinssituatie. Wanneer het gezinsinkomen niet voor 90% of meer in Nederland belast wordt, is Nederland niet door het EU-recht verplicht de aftrek eigen woning toe te staan.

Deel deze pagina: