Ondanks mantelzorgcompliment geen partnervrijstelling

Uitgangspunt voor de regeling van het partnerschap in de belastingwetgeving is dat een persoon slechts één partner kan hebben. Voor de toepassing van de Successiewet geldt een iets ruimere regeling van het partnerschap. Volgens deze regeling kunnen naast gehuwde, niet duurzaam gescheiden levende echtgenoten, ook andere samenwoners onder omstandigheden worden aangemerkt als partners. Ook samenwonende bloedverwanten in de eerste graad kunnen onder omstandigheden voor de Successiewet als partner worden aangemerkt. Het gaat dan om de situatie waarin de verkrijger van een nalatenschap het zogenoemde mantelzorgcompliment heeft genoten voor aan de erflater verleende mantelzorg. Deze verruiming laat echter het uitgangspunt van niet meer dan één partner in stand. Volgens de Hoge Raad is de beperking tot één partner niet in strijd met het discriminatieverbod.

Casus

De HR kwam oordeelde in een procedure van een vrouw die vanwege het verzorgen van haar vader een mantelzorgcompliment had ontvangen. Aan het vereiste voor partnerschap van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding was voldaan, maar omdat de dochter getrouwd was, was haar echtgenoot haar fiscale partner. Om die reden kon vader volgens de wettelijke regeling niet worden aangemerkt als partner. Hierdoor had zij geen recht op toepassing van de partnervrijstelling voor de erfbelasting voor de nalatenschap van vader.

Deel deze pagina: