Geen vorming herinvesteringsreserve

Binnen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting kunnen vermogensbestanddelen worden overgedragen zonder dat de boekwinst verantwoord hoeft te worden. Heeft een dergelijke overdracht plaatsgehad, dan moet bij verbreking van de fiscale eenheid winst
worden verantwoord door het vermogensbestanddeel op de waarde in het economische verkeer te stellen. Is het vermogensbestanddeel na de overdracht verkocht en heeft de overnemer een herinvesteringsreserve gevormd voor de boekwinst, dan valt deze in de winst
van de fiscale eenheid op het moment voor de verbreking van de fiscale eenheid. Is de herinvesteringsreserve al afgeboekt op de aanschaffingskosten van een vervangend bedrijfsmiddel, dan moet de waarde van dat bedrijfsmiddel ten gunste van de winst van de
fiscale eenheid op de waarde in het economische verkeer worden gesteld.

Vorming herinvesteringsreserve mogelijk door verkoop aandelen?
Een verhuurd pand werd binnen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting in 2007 overgedragen voor een bedrag van € 3 miljoen. In de loop van 2010 werden de aandelen in de bv, waaraan het pand was overgedragen, verkocht aan de huurder van het
pand. Op de aan de leveringsakte gehechte overnamebalans van de bv was het pand opgenomen voor € 3 miljoen. Door de verkoop van aandelen werd de fiscale eenheid verbroken. In verband met de verbreking van de fiscale eenheid verwerkte de moedermaatschappij
in haar aangifte vennootschapsbelasting over 2010 een winst op het pand van € 2,5 miljoen, namelijk € 3 miljoen minus de boekwaarde van het pand per 1 oktober 2010. Dit bedrag werd opgenomen in een herinvesteringsreserve. De inspecteur accepteerde de vorming
van de herinvesteringsreserve niet, omdat het niet ging om de boekwinst op een bedrijfsmiddel maar om de verbreking van een fiscale eenheid door de verkoop van aandelen. De opvatting dat de verkoop van de aandelen gelijk te stellen is met de verkoop van het
pand is niet juist. Op die grond kan dus geen herinvesteringsreserve worden gevormd.

Wel heeft de Hoge Raad in een arrest uit 2016 gezegd dat een herinvesteringsreserve kan worden gevormd wanneer de belastingwetgeving verplicht tot herwaardering van een bedrijfsmiddel. Hof Arnhem-Leeuwarden is van oordeel dat op grond van dat arrest in beginsel
een herinvesteringsreserve kan worden gevormd voor de verplichte herwaardering bij de verbreking van een fiscale eenheid. In deze casus leverde dat echter niets op voor de moedermaatschappij aangezien het ging om de overdracht van een bedrijfsmiddel in 2007
die in 2010 tot belastingheffing leidde. Volgens het hof had uiterlijk in 2010 tot herinvestering moeten worden overgegaan. De moedermaatschappij had dat pas in 2011 gedaan. Als zij een herinvesteringsreserve zou hebben gevormd had deze uiterlijk in 2010 aan
de winst moeten zijn toegevoegd.

Deel deze pagina: