Vermindering vergrijpboete na inkeer

Het opzettelijk doen van een onjuiste belastingaangifte is een vergrijp, waarvoor een boete kan worden opgelegd tot 100% van het belastingbedrag dat door het vergrijp niet zou zijn geheven. De inkeerregeling houdt in het alsnog doen van een juiste en volledige aangifte, vóórdat de betrokkene weet dat de inspecteur bekend is met de onjuistheid of onvolledigheid van de eerdere aangifte. Inkeer is een strafverminderende omstandigheid. De mate waarin de boete wordt verminderd bij inkeer is in de loop der jaren gewijzigd. Wanneer inkeer betrekking heeft op meerdere jaren, dan is de mate van vermindering van de vergrijpboete niet afhankelijk van het tijdstip waarop de onjuiste of onvolledige aangifte is gedaan, maar van het moment waarop de betrokkene inkeert. Dat betekent dat geen beroep kan worden gedaan op de mate van strafvermindering die gold in het jaar waarin de onjuiste aangifte is gedaan.

De Hoge Raad heeft een andersluidende uitspraak van de rechtbank Gelderland vernietigd. De rechtbank was van oordeel dat toepassing van de vanaf 1 januari 2010 geldende tekst van de inkeerregeling tot gevolg heeft dat eerder begane feiten zwaarder worden bestraft dan voorzienbaar was op het moment waarop het vergrijp is begaan. Dat oordeel getuigt van een onjuiste rechtsopvatting.

Deel deze pagina:

Terug naar overzicht