Onderzoek naar fiscale ondernemersregelingen

In opdracht van het ministerie van Economische Zaken is onderzoek gedaan naar de effectiviteit en doelmatigheid van fiscale ondernemersregelingen. Het onderzoek betreft de zelfstandigenaftrek, de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, de startersaftrek en de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid, de willekeurige afschrijving voor starters, de oudedagsreserve, de meewerkaftrek en de mkb-winstvrijstelling. Het budgettaire belang van deze regelingen bedroeg ruim € 3,5 miljard in 2015. Het merendeel van het budget betrof de mkb-winstvrijstelling en de zelfstandigenaftrek.

De gedachte achter de fiscale ondernemersregelingen is dat zij leiden tot een hogere economische groei en meer werkgelegenheid. De vraag is of IB-ondernemers ook zonder de regelingen als ondernemer actief zouden zijn en of de verstoring van fiscale neutraliteit tussen IB-ondernemer en werknemer leidt tot een niet optimaal aantal ondernemers. De kans bestaat dat de ondernemersregelingen leiden tot een groep ondernemers die qua winstniveau onder het minimumloon uitkomt.

Conclusie
Nederland heeft relatief veel ondernemers, waarvan het grootste deel uit zzp’ers bestaat. De meeste ondernemingen laten weinig groei zien. Het starten van het ondernemerschap wordt meer gestimuleerd dan de groei van ondernemingen. De gemiddelde winst van een IB-ondernemer bedroeg in 2014 ruim € 36.000. Bijna de helft van het aantal zzp‘ers betaalt niet of nauwelijks inkomstenbelasting door de combinatie van lage winsten en de werking van fiscale ondernemersregelingen.

De onderzoekers stellen vast dat de doeltreffendheid en doelmatigheid van de fiscale ondernemersregelingen empirisch niet hard kunnen worden vastgesteld. Dit is het gevolg van de kwaliteit van de beschikbare gegevens maar ook van de mate en vorm van variatie in de fiscale regelingen.

Deel deze pagina:

Terug naar overzicht