Niet doen van vereiste aangifte

Een gevolg van het niet doen van de vereiste aangifte is omkering en verzwaring van de bewijslast. Dat houdt in dat de belastingplichtige overtuigend moet bewijzen dat en in hoeverre de opgelegde aanslag onjuist is. Iemand heeft de vereiste aangifte niet gedaan als wordt vastgesteld dat zijn aangifte gebreken bevat die tot gevolg hebben dat de volgens de aangifte verschuldigde belasting verhoudingsgewijs aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting. Het bedrag aan belasting dat door de gebreken in de aangifte niet zou zijn geheven moet op zichzelf beschouwd aanzienlijk zijn. De belastingplichtige moest ten tijde van het doen van aangifte weten of zich ervan bewust zijn dat door de gebreken in de aangifte een aanzienlijk bedrag aan belasting niet zou worden geheven.

Casus

Hof Den Haag oordeelde dat een dga met een forse schuld aan zijn bv niet de vereiste aangifte heeft gedaan in een jaar waarin de bv geen rente had berekend over de schuld. Het voordeel van het niet berekenen van rente had de dga als uitdeling van winst in box 2 in de aangifte moeten verwerken. Er was geen zakelijke reden om de berekening van rente achterwege te laten. Dat voordeel was door de bv aan de dga in zijn hoedanigheid van aandeelhouder toegekend. Zowel de bv als de dga moeten zich van de bevoordeling van de dga bewust zijn geweest. Het hof berekende het voordeel in box 2, uitgaande van de eerder gehanteerde rente op € 18.436 en de daarover verschuldigde inkomstenbelasting op € 4.609. Een bedrag van € 4.609 is volgens het hof op zichzelf beschouwd aanzienlijk. Het volgens de aangifte verschuldigde bedrag aan belasting was 11,6% lager dan het werkelijk verschuldigde bedrag. Een afwijking van 11,6% vond het hof verhoudingsgewijs aanzienlijk. Daarmee was voldaan aan de voorwaarden voor omkering en verzwaring van de bewijslast.

Deel deze pagina:

Terug naar overzicht