Besluit marktrente

Volgens vaste jurisprudentie moeten langlopende renteloze verplichtingen worden gewaardeerd tegen de marktrente voor langlopende leningen die gold op het moment van aangaan van de verplichtingen. Bij een daling van de rentestand mogen de verplichtingen hoger worden gewaardeerd. Stijgt de rente na een eerdere daling, dan moet de waardering van de verplichtingen worden aangepast aan de hogere rentestand. De waarde van de verplichtingen zakt echter niet onder de oorspronkelijke waarde.

Omdat “de” marktrente niet bestaat, publiceerde de staatssecretaris van Financiën jaarlijks een beleidsbesluit met marktrentestanden. Omdat de Uitvoeringsregeling Loonbelasting sinds 1 april 2017 een op vergelijkbare wijze jaarlijks vastgestelde rente bevat, is het niet langer nodig om jaarlijks een marktrentebesluit te publiceren. De bepaling in de Uitvoeringsregeling is bedoeld voor de oprenting van een oudedagsverplichting gedurende een kalenderjaar.

Voor de bepaling van de contante waarde van renteloze verplichtingen aan het einde van een kalenderjaar kan de marktrente worden gesteld op het gemiddelde van de U-rendementen van dat jaar. De U-rendementen worden maandelijks gepubliceerd door het Centrum voor Verzekeringsstatistiek van het Verbond van Verzekeraars. Voor situaties waarin voor de winstbepaling de marktrente moet worden bepaald op een tijdstip in de loop van een kalenderjaar keurt de staatssecretaris goed dat als marktrente het rekenkundig gemiddelde van de U-rendementen over de desbetreffende maand en de elf voorafgaande maanden wordt gehanteerd.

Deel deze pagina:

Terug naar overzicht