Uitkering stamrecht in Nederland belast

De Wet op de loonbelasting kende tot 1 januari 2014 een stamrechtvrijstelling op grond waarvan een aanspraak op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon was vrijgesteld. Omdat de aanspraak was vrijgesteld, waren de uitkeringen op grond van de omkeerregel belast. Voor op 1 januari 2014 bestaande aanspraken is een overgangsregeling getroffen, waardoor het oude regime van toepassing blijft.

De vraag in een procedure voor Hof Den Bosch was of Nederland belasting mag heffen over uitkeringen uit een oud stamrecht die worden gedaan aan een inwoner van Duitsland. Het stamrecht was verkregen bij een ontslag uit dienstbetrekking. Volgens het verdrag ter voorkoming van dubbele belastingheffing met Duitsland mag de bronstaat belasting heffen over inkomsten uit niet-zelfstandige arbeid van een inwoner van de andere staat, als de arbeid in de bronstaat wordt uitgeoefend. Wachtgeld, pensioen en andere uitkeringen ter zake van vroegere diensten mogen alleen in de woonstaat worden belast.

Volgens jurisprudentie van de Hoge Raad geldt als hoofdregel dat bij inkomsten uit niet‑zelfstandige arbeid het arbeidsartikel voorrang heeft boven het pensioenartikel van een belastingverdrag. Het pensioenartikel is van toepassing op een ontslagvergoeding die voorziet in de behoefte aan levensonderhoud vanaf de beëindiging van de dienstbetrekking tot het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd of dient als verbetering van onvoldoende pensioenrechten.

Hof Den Bosch was van oordeel dat de belanghebbende er niet in was geslaagd aannemelijk te maken dat de door hem ontvangen ontslagvergoeding was bedoeld als aanvulling op zijn pensioen. Volgens het hof dient naar objectieve maatstaven te worden beoordeeld of de ex-werkgever en de belanghebbende hebben bedoeld om een aanvulling op het pensioen overeen te komen. Uit de correspondentie van de belanghebbende en zijn ex-werkgever bleek dat de vergoeding was overeengekomen voor te derven inkomsten. Er werd in de correspondentie geen verband met (een aanvulling op) het pensioen van de belanghebbende gelegd. Ook uit de ontslagbeschikking van de kantonrechter was niet af te leiden dat de vergoeding betrekking had op het pensioen van de belanghebbende.

Deel deze pagina: