Toerekening winstaandeel zakenpartner

Hof Amsterdam stelde in een procedure vast, dat de overeengekomen winstverdeling van de partners in een samenwerkingsverband zakelijk was. Ieder van de partners had recht op 50% van de gerealiseerde winst. Een van de partners woonde in België, de andere in Nederland. Volgens het hof was de Nederlandse partner aan te merken als vaste vertegenwoordiger in Nederland van de Belgische partner. Een deel van de winst van de Belgische partner werd geacht met behulp van de vaste vertegenwoordiger in Nederland te zijn behaald en werd hier belast.

Volgens het hof sluit een zakelijke winstverdeling in een samenwerkingsverband niet uit dat een deel van de winst van een van de partners wordt behaald met behulp van een vaste inrichting, bestaande uit de werkzaamheden die de andere partner verricht als vaste vertegenwoordiger. De Hoge Raad is van oordeel dat het belastingverdrag met België een dergelijke winsttoerekening toelaat. Het oordeel van het hof geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting.

Deel deze pagina: