In Duitsland geregistreerde Porsche gold voor bpm als nieuw

Bij de registratie van een personenauto in het kentekenregister moet BPM worden betaald. Voor de berekening van de verschuldigde bpm maakt de Wet bpm onderscheid tussen nieuwe en gebruikte personenauto’s. Bij de registratie van een gebruikte auto geldt een vermindering van de BPM die voor een nieuwe auto betaald moet worden. Een nieuwe personenauto is na de vervaardiging niet of nauwelijks gebruikt. De wet geeft geen uitleg van het begrip gebruikte personenauto.

In de praktijk is bij de duurdere auto de zogenaamde U-bochtconstructie bekend. Een nieuwe auto wordt eerst op een buitenlands kenteken gezet om daarna als gebruikt voertuig te worden geïmporteerd. Om deze constructie te bestrijden wordt een auto met een buitenlands kenteken niet zondermeer geaccepteerd als een gebruikte auto is. Er wordt gekeken naar de – vaak zeer lage – kilometerstand, de registratieperiode in het buitenland en het moment waarop de koop is gesloten.

Degene die een beroep doet op een vermindering van de voor een nieuwe auto berekende bpm zal aannemelijk moeten maken dat de auto op het moment van de aangifte voor de bpm een gebruikte auto is. In het geval van een dure Porsche oordeelde de rechtbank dat de koper er niet in was geslaagd om aannemelijk te maken dat het om een gebruikte auto ging. Volgens de rechtbank was de Porsche in Duitsland geregistreerd nadat deze door de Nederlandse koper was gekocht. Met instemming van de koper was daarna met de auto gereden. Kort na de registratie in Duitsland werd de auto in Nederland ingevoerd. De auto vertoonde op dat moment geen sporen van gebruik. Bewijsstukken waaruit zou kunnen blijken dat de auto wel gebruikt was ten tijde van de aangifte waren er niet. Volgens de rechtbank heeft de inspecteur terecht een naheffingsaanslag bpm opgelegd voor het bedrag dat is verschuldigd bij de registratie van een nieuwe auto van hetzelfde merk en type.

Deel deze pagina: